Tom (5 jaar)
Het is nu ruim een jaar geleden dat je bij ons geweest bent in Goutum en dat we af en toe telefonisch of per e-mail contact hadden. We hebben je adviezen opgevolgd en met Tom af en toe oefeningen gedaan. De frequentie van de oefeningen is langzaam afgenomen. De frequentie hebben we ook laten afhangen van het hoe het met het praten van Tom ging.
Het praten is veel beter geworden. Hij kan nu bijvoorbeeld ‘s avonds aan tafel een verhaal vertellen over wat hij op school meegemaakt heeft. Vorig jaar lukte hem dat nog nauwelijks dan wel met grote moeite. De verbetering komt niet alleen omdat zijn woordenschat groter is geworden maar het aantal blokkades dat hij voelt aankomen en daarom stopt met praten is ook flink afgenomen.
Soms voelt hij een blokkade aankomen, stopt dan met praten en zegt dan dat hij niet meer weet wat hij wilde zeggen. Af en toe praat hij met herhalingen. Maar zoals ik al eerder schreef is het vergeleken met een jaar geleden een wereld van verschil.
Een teken dat het beter gaat is dat hij een maand geleden zelf aangaf dat hij niet meer stotterde. Dat dat overigens iets te optimistisch is blijkt uit een voorval van vandaag. Hij voelde weer zo’n blokkade komen, stopte en zei dat hij niet meer wist wat hij wilde zeggen. Hij zei toen uit zijn eigen dat hij op dat moment wel stotterde. Ik heb hem voorgesteld weer eens jouw oefeningen te doen waar hij mee instemde.
Ondanks dat van vandaag geloof ik sterk dat het praten steeds beter zal gaan. Zoals ik hiervoor al aangaf ging het praten steeds beter. Ik ben er van overtuigd dat dit goede resultaat het gevolg is van de door jou geïntroduceerde Hausdörfer therapie.
Zonder deze therapie was het met het praten van Tom steeds minder geworden. Ik merkte dat proces bij Tom al voordat ik jou benaderde. Dat was overigens de reden dat ik jou benaderde, ik zag dat het steeds verder verslechterde. Omdat ik zelf stotter kon ik dat snel en scherp waarnemen. Annelies viel het in mindere mate op en ook pas nadat ik haar er op gewezen had. Met haar ervaringen nu is zij ook van mening dat de Hausdörfer-therapie tot dit goede resultaat geleid heeft. Natuurlijk moeten we er op de juiste manier scherp op blijven, maar ik ga er vanuit dat we (met relatief geringe inspanning!) op de goede weg zijn.
Als je bij jonge kinderen hoort aankomen dat het kind daadwerkelijk gaat stotteren en dat gevoelen steeds sterker wordt, is het verstandig de klankoefeningen van Hausdorfer spelenderwijs met het kind te doen. Er kan dan mogelijk voor het kind een hoop ellende voorkomen worden. Probleem is dat de ouders of onderwijzers het tijdig moeten horen aankomen en aan de bel moeten trekken. Mijn ervaring is dat het onderwijzend personeel het pas in een laat stadium begint op te vallen. Bij Tom (zit nu in groep 4) is het nog geen enkele onderwijzer opgevallen. Het wordt denk ik vaak gezien als enkele haperingen (zoals vaker voorkomt op die leeftijd) waar een kind wel over heen komt. Naast het tijdig signaleren moet de betreffende hulpverlening of belangenvereniging ook op een adequate wijze reageren en adviseren. Uit een ontvangen mail van je van circa een half jaar geleden begreep ik echter dat de houding van de landelijke belangenvereniging voor stotteraars ten opzichte van de Hausdörfer-therapie helaas niet positief is.
Ik ben het van harte met je eens dat het een goede zaak zou zijn als de Hausdörfer-therapie meer bekendheid zou krijgen en meer ingeburgerd zou raken.
Zoals je zelf al eens hebt aangegeven is het probleem dat je de gevestigde instellingen niet of nauwelijks kunt overtuigen van de werking van de therapie. Heb je al eens een wetenschappelijke instelling voor logopedie (universiteit van Nijmegen?) benaderd met de vraag of naar deze therapie geen wetenschappelijk (promotie) onderzoek gedaan zou kunnen worden. Bijvoorbeeld een vergelijkende onderzoek naar de resultaten van deze therapie bij kinderen op jonge leeftijd (5-8 jaar) waarbij beginnend stotteren geconstateerd wordt. Vergelijk een groep van kinderen waarbij de huidige visie wordt toegepast: voorlopig op zijn beloop laten met een groep kinderen waaraan de Hausdörfer therapie wordt gegeven. Toets en vergelijk de resultaten van beide groepen na een paar 1, 3 en 5 jaar. Onderbouw je verzoek met voorbeelden uit je praktijk waarbij de therapie goed gewerkt heeft (kinderen en volwassenen).
Ik hoop dat je nog veel succes hebt met de Hausdörfer-therapie en wens je een geslaagde 2e lustrum-bijeenkomst.
Jan
